Wanneer wordt anti-paniekverlichting toegepast?
Wanneer wordt anti-paniekverlichting toegepast?
Anti-paniekverlichting is dat onderdeel van noodverlichting dat ervoor zorgt dat paniek vermeden wordt. Het zorgt voor voldoende verlichting zodat mensen een plaats kunnen bereiken vanaf waar ze gebruik kunnen gaan maken van de vluchtroute. Dit type noodverlichting heeft eigenlijk dezelfde functie als vluchtwegverlichting, met het verschil dat er slechts 0,5 lux op de vloer nodig is.
Hij moet minimaal een uur blijven branden. Anti-paniekverlichting hoeft dus niet continu te branden zoals bij de vluchtrouteaanduiding wel het geval is.
Toepassen anti-paniekverlichting
Anti-paniekverlichting moet volgens de NEN-EN 1838 aanwezig zijn in alle ruimtes die groter zijn dan 60 m2, waar struikelgevaar aanwezig is en waar risico’s zijn door de mogelijke aanwezigheid van grote aantallen personen. Uiteraard komt daarbij dat er ruimtes benoemd kunnen worden vanuit de RI&E.
Voorkomen onveilige situaties
De belangrijkste functie van het toepassen van anti-paniekverlichting is dat een groep mensen op een veilig manier een ruimte kan verlaten in het geval dat de verlichting uitvalt. Een deur van een ruimte zoeken in het geval van paniek kan zorgen voor onveilige situaties.
Gerelateerde kennisbank artikelen
Een risicovolle werkplek moet blijken uit de RI&E en bestaan er in allerlei soorten en maten.

