12 oktober 2023

Wanneer kies je de pijl omhoog en wanneer de pijl omlaag?

Welke pijl bij welke situatie

Wanneer kies je eigenlijk voor welke pijl bij het installeren van een vluchtrouteaanduidingsarmatuur? Vaak lijkt dit antwoord voor de hand te liggen. Moet je naar rechts om de vluchtroute te volgen, dan gebruik je een pijl naar rechts. Moet je naar links? Je snapt hem al… Maar wat als je rechtdoor moet? Wij vertellen hoe het zit volgens de huidige noodverlichting eisen.

NEN 3011

Bij vluchtrouteaanduiding wordt de vluchtroute rechtdoor sinds eind 2015 volgens de NEN 3011 aangegeven met een pijl naar boven. De Nederlandse NEN 3011 volgt daarmee de wereldwijde standaard voor pictogrammen.

Oude en nieuwe norm in de praktijk

We zien diezelfde pictogrammen dus wereldwijd terugkomen. Ze bestaan uit 2 elementjes: een poppetje in de deur en een pijl voor de vluchtrichting. Voor die tijd gold in Nederland de NEN 6088, die herkenbaar is aan het gebruik van 3 elementen: het poppetje, de pijl en de deur. In het openbare leven komen we ze nog veelvuldig tegen!

Oude of nieuwe norm

Bij nieuwbouw, verbouw en aanbouw wordt de nieuwe norm toegepast. Ook als er bijvoorbeeld een nieuwe vleugel aan een bestaand pand wordt gebouwd waar zich nog armaturen bevinden die voorzien zijn van pictogrammen volgens de oude norm. In die, nu vervallen norm werd een vluchtroute rechtdoor aangegeven met een pijl naar beneden. Die pijl wordt nu alleen nog gebruikt als de vluchtroute naar beneden gaat, de trap af dus! Het lijkt verwarrend, maar dat is het in de praktijk helemaal niet. Het is dan ook toegestaan om de beide pictogrammen door elkaar te gebruiken.

Merkbaarheid is klein

Wist jij dat deze verandering waarschijnlijk niet of nauwelijks opgemerkt wordt door de meeste mensen. Het bewijs hiervoor is de verandering van de blauwe ANWB-borden boven de snelweg. Een aantal jaren geleden zijn hier de pijlen voor de rijstroken veranderd van een pijl naar beneden naar een pijl naar boven. Vrijwel niemand heeft dit gemerkt.

Pijl omlaag nog veel verkocht

Wat ons opvalt, is dat de pijl naar beneden nog steeds veel geleverd wordt. Veel meer dan er zich trappen naar beneden op de vluchtroute bevinden. Dus: als u een armatuur moet plaatsen die de vluchtroute rechtdoor aangeeft, dan hoort daar een pictogram bij met de pijl naar boven!

Veelgestelde vragen

Een pijl omhoog op een noodverlichtingpictogram betekent dat de vluchtroute rechtdoor of omhoog gaat, afhankelijk van de situatie. Volgens NEN-EN ISO 7010 en NEN 3011 geeft de pijl de richting aan die mensen moeten volgen om veilig de uitgang te bereiken. Bij een rechte gang wijst de pijl omhoog dat je gewoon rechtdoor loopt, terwijl bij een trap de pijl omhoog aangeeft dat je omhoog moet gaan. NEN-EN 1838 schrijft daarnaast voor dat het pictogram goed verlicht en duidelijk zichtbaar moet zijn, zodat de richting van de vluchtweg in alle omstandigheden direct herkenbaar blijft.

De pijl op een noodverlichtingpictogram geeft altijd de richting van de vluchtweg aan. Een pijl omhoog betekent dat je rechtdoor of omhoog moet, bijvoorbeeld bij een gang of trap omhoog, terwijl een pijl omlaag aangeeft dat de vluchtweg omlaag of naar een lager niveau loopt, zoals bij een trap naar beneden of een kelderuitgang. Dit gebruik van pijlen is vastgelegd in NEN-EN ISO 7010 en NEN 3011, zodat iedereen de vluchtroute direct en eenduidig kan volgen. NEN-EN 1838 schrijft daarnaast voor dat de pictogrammen altijd goed verlicht en duidelijk zichtbaar zijn.

Je gebruikt een pijl omhoog op een noodverlichtingpictogram wanneer de vluchtroute rechtdoor of naar een hoger niveau gaat, bijvoorbeeld in een gang of bij een trap die naar boven leidt. Een pijl omlaag gebruik je wanneer de vluchtroute naar een lager niveau gaat, zoals bij een trap naar een kelder of bij een uitgang die lager ligt dan de huidige locatie. Volgens NEN-EN ISO 7010 en NEN 3011 moet de pijl altijd de daadwerkelijke looprichting van de vluchtweg aangeven, zodat de pictogrammen eenduidig en begrijpelijk zijn. NEN-EN 1838 schrijft daarnaast voor dat de pictogrammen goed verlicht en duidelijk zichtbaar zijn, zodat iedereen de juiste richting kan volgen in geval van nood.

Het verschil tussen een pijl omhoog en een pijl omlaag op een noodverlichtingpictogram zit in de richting van de vluchtweg. Een pijl omhoog geeft aan dat de route rechtdoor of naar een hoger niveau loopt, bijvoorbeeld in een gang of bij een trap omhoog, terwijl een pijl omlaag aangeeft dat de route naar een lager niveau loopt, zoals bij een trap naar beneden of een kelderuitgang. Dit verschil is belangrijk om de evacuatie duidelijk en veilig te maken en wordt voorgeschreven in NEN-EN ISO 7010 en NEN 3011, terwijl NEN-EN 1838 ervoor zorgt dat de pictogrammen goed verlicht en zichtbaar blijven.

Het gebruik van pijlen in noodverlichting wordt bepaald door NEN-EN ISO 7010, die voorschrijft hoe veiligheidspictogrammen, inclusief vluchtroutepijlen, eruit moeten zien en welke richting ze aangeven. Daarnaast geeft NEN 3011 aanvullende richtlijnen voor de plaatsing en zichtbaarheid van vluchtwegmarkeringen, zoals de juiste richting van pijlen in gangen, trappen en bij uitgangen. NEN-EN 1838 vult dit aan door de functionele eisen voor noodverlichting te beschrijven, zodat de pictogrammen altijd goed verlicht en duidelijk zichtbaar zijn. Samen zorgen deze normen ervoor dat de richting van de vluchtweg voor iedereen eenduidig en veilig te volgen is.

Je mag niet zelf kiezen of je een pijl omhoog of omlaag plaatst; dit is voorgeschreven en moet de daadwerkelijke looprichting van de vluchtweg aangeven. Volgens NEN-EN ISO 7010 en NEN 3011 moet de pijl exact overeenkomen met de richting die personen moeten volgen om veilig de uitgang te bereiken. Een foutieve pijl kan verwarring veroorzaken en de veiligheid in geval van nood in gevaar brengen. NEN-EN 1838 schrijft bovendien voor dat de pictogrammen goed verlicht en zichtbaar zijn, zodat de juiste richting te allen tijde duidelijk is.

Een pijl naar boven op een noodverlichtingpictogram bij een trap betekent dat de vluchtroute omhoog gaat, dus dat personen de trap moeten oplopen om de uitgang of een veiliger niveau te bereiken. Dit gebruik van de pijl is voorgeschreven in NEN-EN ISO 7010 en NEN 3011, zodat de richting van de vluchtweg altijd duidelijk en eenduidig is. NEN-EN 1838 schrijft daarnaast voor dat het pictogram goed verlicht en zichtbaar moet zijn, zodat iedereen de juiste richting kan volgen, ook bij weinig licht of rookontwikkeling.

Een pijl naar beneden op een noodverlichtingpictogram bij een nooduitgang betekent dat de vluchtroute naar een lager niveau loopt, bijvoorbeeld via een trap naar beneden of richting een kelderuitgang. Volgens NEN-EN ISO 7010 en NEN 3011 moet de pijl altijd de daadwerkelijke looprichting van de vluchtweg aangeven, zodat iedereen veilig en eenduidig de uitgang kan bereiken. NEN-EN 1838 schrijft daarnaast voor dat het pictogram goed verlicht en zichtbaar moet zijn, zodat de richting duidelijk herkenbaar blijft, ook bij stroomuitval of slechte zichtbaarheid.

Meer weten over de verschillende pictogrammen?

Ga naar pictogrammen.

Medewerker Famostar algemeen
Heb je een vraag over dit onderwerp?
Neem direct contact op met Famostar

Deel de blog:

Andere blogs

BREEAM-NL

BREEAM-duurzaamheidscertificering

Met het BREEAM-certificaat kun je aantonen dat jouw gebouw een duurzaam gebouw is. Hoe kan noodverlichting bijdragen aan een BREEAM-certificering?
Famostar-NiCd_1200x900

Famostar stopt met NiCd accu

NiCd accutechnologie mag al een tijd lang niet meer toegepast worden in de Europese Unie. Ondanks de uitzondering voor noodverlichting stoppen wij met deze accu's.
Noodverlichting voor overheidsinstanties

Noodverlichting voor overheidsinstanties

Noodverlichting voor overheidsinstanties: wat is belangrijk voor de veiligheid van de medewerkers en bezoekers van het gebouw?

Wij staan voor je klaar

Onze klantenteams zijn verdeeld over vier rayons en worden ondersteund door de gehele organisatie. Zo heb je altijd een persoonlijk aanspreekpunt. Heb je een vraag? Neem contact op.

Famostar medewerkers sales